![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Waterveiligheid en wateroverlastHet huidige veiligheidsbeleid is gebaseerd op de ramp van 1953. Direct na de ramp werd de zogenaamde Deltacommissie ingesteld die enkele jaren later de minister adviseerde welke maatregelen er noodzakelijk waren om een volgende watersnoodramp te voorkomen. De hieruit voortvloeiende Deltawet werd aangenomen op 8 mei 1958. Dit leidde tot grootschalige bouwwerken en versterkingen langs de kust. Hoewel de watersnoodramp van 1953 ook aanleiding was om de rivierdijken te versterken, werd hier pas vaart mee gemaakt na de bijna-rampen in 1993 en 1995. Naar aanleiding van deze bijna-rampen werd in 1995 de ‘Deltawet grote rivieren’ van kracht, wat leidde tot grootschalige versterkingen langs de rivierdijken. De veiligheid van Nederland tegen overstromen is in 1996 vastgelegd in de Wet op de Waterkering. Naast de hogere overstromingskansen van de rivieren en de zee nemen ook de kansen op wateroverlast toe. Door de klimaatverandering neemt de winterhoeveelheid neerslag naar verwachting toe met 6% in 2050 tot 12% in 2100, en de hoeveelheid zware neerslag en uitschieters met 10 respectievelijk 20%. Ook een voortgaande verstedelijking en de doorgaande bodemdaling dragen bij aan de hogere kans op wateroverlast. Als reactie hierop hebben verschillende Nederlandse overheden het zogeheten Nationaal Bestuursakkoord Water ondertekend. Dit akkoord is grotendeels gebaseerd op de gedachte dat lokale problemen niet mogen worden afgewenteld op buren. De implicatie van dit akkoord is dat er veel meer ruimte voor waterberging moet worden gereserveerd dan tot dusverre het geval is. De kenmerken van de scenario's
Kerngegevens Water
Download- Het hoofdstuk Water in het Hoofdrapport (PDF) |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||